Onze visie

De identiteit van onze school wordt niet alleen bepaald door het gegeven of een school openbaar dan wel bijzonder (in ons geval katholiek) wordt genoemd. Het wordt ook bepaald door de manier waarop wordt omgegaan met de leerlingen, met de school als leefgemeenschap, de manier waarop aandacht gegeven wordt aan de leerlingen en ook met de manier waarop teamleden onderling met elkaar omgaan. De opdracht van een school is zo goed mogelijk onderwijs en opvoeding geven. Toch onderscheiden basisscholen zich van elkaar, ze hebben elk hun eigen missie/ visie. De visie van de Blokkendoos luidt als volgt:

visie2

Voortkomend uit deze visie hebben we op De Blokkendoos een aantal speerpunten m.b.t . het onderwijs vastgesteld. Hierop willen we nader ingaan.

We proberen de zelfstandigheidvan de leerling te bevorderen. We leren de leerlingen in de acht jaar op allerlei manieren taken zelfstandig uit te voeren. Steeds verder op weg naar een meer zelfstandig persoon. De leerling leert wat hij wel en niet aankan. We proberen de leerling langzamerhand steeds moeilijkere taken uit te laten voeren. Hij moet zichzelf leren redden in allerlei situaties (zelfredzaamheid).

We stemmen ons onderwijs af op de onderwijsbehoeften van de kinderen door het geven van gedifferentieerde instructie. Aan de hand van observaties en toetsgegevens wordt gekeken welke instructie een kind de komende periode nodig heeft om de gestelde ontwikkelingsdoelen te bereiken. De leerkracht stemt zijn/haar handelingen af op de onderwijsbehoefte van het kind en zorgt op deze manier voor “gewoon goed onderwijs”. (Zie verder hoofdstuk 5, paragraaf E gedifferentieerde instructie)

We schenken aandacht aan de sociale ontwikkeling van de leerling. Een kind moet leren met anderen om te gaan. Met oudere en jongere kinderen en met volwassenen.

De groepen 1 en 2 zijn heterogeen van samenstelling, d.w.z. dat kinderen van 4 tot 6 jaar bij elkaar in een groep zitten. Zij leren door naar anderen te kijken, te luisteren; door samen te spelen in een groep.

Vanaf groep 3 zitten kinderen van gelijke leeftijd bij elkaar. We leren kinderen met elkaar samen te werken door de principes van zelfstandig werken en het coöperatief leren toe te passen.

Tijdens het coöperatief leren werken de kinderen aan de hand van vastgestelde structuren intensief samen. Middels deze werkwijze wordt er tegelijkertijd een beroep gedaan op de sociaal-emotionele vaardigheden van de kinderen. ( zie hoofdstuk 5; Coöperatief leren)

We willen kinderen leren met eigen emoties en met die van anderen om te gaan. Om de sociale vorming te stimuleren worden gedurende het schooljaar een aantal schoolregels centraal gesteld. Deze regels worden zichtbaar gemaakt in de gehele school.( zie hoofdstuk 9 paragraaf L schoolregels en afspraken)  De sociaal-emotionele ontwikkeling van elk kind wordt gevolgd met behulp van “Kijk op sociale competenties”.

We willen kinderen leren kritisch te zijn, kritisch op zichzelf, kritisch op hun omgeving. We proberen ze te leren, dat ze een eigen mening nodig hebben; dat ze niet zonder meer anderen altijd moeten volgen; dat ze nadenken voordat ze een beslissing nemen; dat ze zelf verantwoording durven nemen. Zaken die zich voordoen worden in schoolverband besproken of met projecten uitgewerkt.

Pesten op school is een soms voorkomend en een naar probleem. Wij zullen al het mogelijke doen om bij signalering een en ander direct aan te pakken. Met het pestprotocol willen we structureelaandacht hebben voor dit probleem.  U kunt als ouder op onze inzet rekenen; laat het ons te allen tijde weten als zich een pestsituatie voordoet.

Ook het leren omgaan met verschillen tussen mensen krijgt aandacht binnen onze school; niet alleen tussen nationaliteit, huidskleur of geloofsrichting maar ook verschillen naar interesses, talenten, lichaamsbouw, gedrag en emoties. We proberen kinderen te leren omgaan met deze verschillen en ze respect bij te brengen voor die verschillen tussen mensen. Verschillen in prestaties tussen kinderen of extra hulp krijgen is iets heel normaals. Ondanks het feit dat onze school niet echt veel verschillende nationaliteiten herbergt, willen we hier toch aandacht aan geven en kinderen leren omgaan met andere culturen.

We werken ook met godsdienstprojecten die aandacht geven aan bovengenoemde aspecten.

Naast alle aandacht voor de totale groep is er natuurlijk ook aandacht voor het individuele kind. In de aanvangssituatie op school wordt nauwgezet gekeken of kinderen zich thuis gaan voelen. Bij een tussentijdse instroom van kinderen is er vaak sprake van enige gewenning (cultuurverschillen tussen scholen) De leerkrachten willen zeer duidelijk aandacht geven aan deze “inburgering”.

Bij langdurig ziek zijn van leerlingen en/of ziekenhuisopname zal contact met u worden opgenomen over de onderwijsmogelijkheden. (zie verder hoofdstuk 4 van de schoolgids: Onze zorg voor uw kind.

A. De school als leergemeenschap

De Blokkendoos is een school waar kinderen van 4 tot en met 12 jaar kansen krijgen om optimaal te kunnen leren en zich zelf te ontwikkelen.  De wet op het primair onderwijs geeft een groot aantal zaken waaraan onze school zich dient te houden en anderzijds een aantal keuzes open laat voor de school.

In de wet ligt bijvoorbeeld vast: - het aantal uren op jaarbasis dat een leerling les krijgt,

- de vakken waarin de leerling wordt onderwezen.

- de minimumdoelen die de leerling dient  te behalen

- de eisen waaraan gebouwen moeten voldoen

- de eisen waaraan de leraar dient te voldoen.

Het team van de Blokkendoos stelt zich als doel dat zij de kinderen gedurende hun schoolloopbaan optimaal begeleiden en vormen. Zelfstandig werken, handelingsgericht werken en coöperatief leren zijn belangrijke onderdelen binnen ons onderwijs.  In de kleutergroepen wordt gewerkt vanuit thematisch onderwijs in de vorm van projectjes. (zie uitvoerig bij: “wat leren we de kinderen?”)  De jongste kinderen kunnen rustig wennen, de oudere kleuters krijgen wat meer opdrachten in de sfeer van ontdekkend en experimenterend bezig zijn. Daarna volgt groep 3 met de start van het aanvankelijk lezen, schrijven en rekenen.

In groep 2 t/m 8 wordt in het kader van zelfstandig werken gewerkt met dag en weektaken. De verwerking van de aangeboden leerstof gebeurt soms klassikaal, soms in groepjes of naar aanleg en tempo van de individuele leerling. Daardoor kan het gebeuren dat de ene leerling bij een bepaald leerstofonderdeel meer moet verwerken dan de andere. Als een leerling meer aankan, dan stellen we meer eisen aan hem.

Wij proberen iedere leerling zich op deze wijze te laten ontplooien, waarbij wij respect tonen voor die leerling die meer of minder leerstof aankan.

Ook huiswerk speelt een rol in de groepen 7 en 8. In het kader van de voorbereiding naar het voortgezet onderwijs proberen we leerlingen te laten plannen en uitvoeren. De hoeveelheid huiswerk is beperkt en wordt indien nodig aangepast aan het niveau van het kind.

In alle groepen werken kinderen met de computer.  Dit gebeurt individueel, in tweetallen  en soms met ouders.

Wij vinden het van groot belang dat ons onderwijs up to date blijft en aansluit bij de behoeftes van de kinderen. We kijken dan ook voortdurend waar vernieuwingen nodig zijn of waar deze ingevoerd  zouden moeten worden. Voor het komende jaar betekent dit dat we:

-  verder gaan met het uitdiepen van Nieuwsbegrip; een actuele methode voor begrijpend lezen,

-  een nieuwe methode voor technisch lezen invoeren

- een nieuwe methode voor aardrijkskunde invoeren,

- als team verder gaan met de teamcursus m.b.t. gedifferentieerde instructie, en één zorgroute;

  een cursus gericht op opbrengstgericht/handelingsgericht- en planmatig werken

- een vervolgstap maken met Dotcomschool; een digitaal klassenadmininstratieprogramma,

- verder gaan met KIJK groep 1-2; een observatie en signaleringsprogramma voor de groepen 1-2.

B. De identiteit van de school

We spreken hier over de manier waarop we op school omgaan met kinderen, ouders, teamleden en andere betrokkenen.

Dit houdt in dat we als team een sleutelrol vervullen door ons voorbeeldgedrag naar leerlingen. We hopen dat dit navolging krijgt bij het gedrag van de leerlingen. Het omgaan met elkaar willen we op een christelijke manier uiten:

  • we praten iets met elkaar uit,
  • we proberen  leerlingen die hun boekje te buiten gaan uit te leggen waarom iets verkeerd is gegaan,
  • we dulden niet dat leerlingen om redenen van huidskleur, land van herkomst, geloof, uiterlijk of wat dan ook worden achtergesteld,
  • we leren kinderen respect te hebben voor elkaar,
  • we luisteren naar de mening van de ouders en willen trachten in goed overleg met hen een bijdrage te leveren aan de opvoeding van de kinderen.

C. Onze school heeft een katholieke geloofsrichting

Dit komt op diverse manieren tot uiting door:

  • uiting te geven aan de hierboven al vermelde zaken,
  • de sfeer op de school bij vieringen zoals Kerstmis, Carnaval en Pasen,
  • Het geven van godsdienstlessen op school aan de hand van projecten.
  • de contacten met de parochie aangaande de voorbereiding van de Eerste Communie en het Vormsel. Deze voorbereiding geschiedt door de parochie en de school geeft haar medewerking aan de uitvoering.